Klassementsberekening A tot B-15/1 titel_jumpingball

Inhoud

I. Competities
II. Procedure voor het opmaken van het klassement van de hoogst geklasseerde spelers
III. Barema
IV. Bonuspunten
V. Berekening klassement
 

I. COMPETITIES.

Het klassement wordt opgesteld aan de hand van de uitslagen van de enkelwedstrijden van de volgende competities :
1. Alle hoofdtabellen van het lopende jaar open voor spelers tot klassement A Internationaal in België, voor zover het aantal punten van de acht hoogst geklasseerde ingeschreven spelers minstens 680 bedraagt bij de Heren/Jongens/Veteranen en minstens 625 bedraagt bij de Dames/Meisjes/Veteranen;
2.  De eindronde van de "liga"-kampioenschappen Reeks I van het lopende jaar en de Eindronde van het Criterium Heren en Dames Reeks I, ook al wordt deze competitie ten laatste de 2e zondag van oktober georganiseerd;
3.  Interclubs in België Heren en Dames van het lopende jaar;
4.  Grand Slam tornooien, A.T.P./W.T.A.-tornooien die aanvangen op de eerste zaterdag van oktober van het voorgaande jaar en die eindigen op de eerste zondag van oktober van het lopende jaar;
5.  Satellietcircuits tussen de eerste zaterdag van oktober van het voorgaande jaar tot de eerste zondag van oktober van het lopende jaar;
6.  Internationale Juniortornooien tussen de eerste zaterdag van oktober van het voorgaande jaar tot de eerste zondag van oktober van het lopende jaar;
7.  Internationale ontmoetingen (Davis Cup, Federation Cup, Junior Davis Cup, Junior Fed Cup, eindronde Winter Cups 16 jaar, eindronde Summer Cups 16 en 18 jaar) tussen de eerste zaterdag van oktober van het voorgaande jaar tot de eerste zondag van het lopende jaar;
8.  Eindronde Criterium, categorie I Dames en Heren;
9.  Individuele Europese Kampioenschappen 16 en 18 jaar.

II. PROCEDURE VOOR HET OPMAKEN VAN HET KLASSEMENT VAN DE HOOGST GEKLASSEERDE SPELERS.

Worden "A Internationaal" geklasseerd: de spelers (speelsters) die een klassement hebben dat gelijk is of hoger dan de 500e A.T.P.-(W.T.A.-) plaats.
Worden "A Nationaal" geklasseerd: de spelers geklasseerd tussen de 501e en de 800e A.T.P.- (W.T.A.-) plaats geklasseerd. Vervolgens de spelers (speelsters) die het nodige aantal punten totaliseren. Voor de klassementen 2010 betreft het hier de spelers die minimum 1000 punten totaliseren bij de Heren en de speelsters die minimum 1000 punten totaliseren bij de Dames.
Worden als B-15/4 geklasseerd: eerste de spelers (speelsters) die minstens 5 punten behaalden op de A.T.P.- (W.T.A.-) ranking en die niet tot de top 800 A.T.P. (W.T.A.) behoren, vervolgens de spelers (speelsters) die het nodige aantal punten totaliseren zoals het voorgaande jaar bepaald door het Rangschikkingscomité tijdens de vergadering waarin de klassementen worden opgemaakt.

De volgorde van het klassement van het lopende jaar wordt bepaald aan de hand van de laatste A.T.P.-(W.T.A.-) ranking die verschenen is voor de vergadering van het Rangschikkingscomité tijdens de welke de klassementen worden opgemaakt.

  • Het klassement evolueert wekelijks in functie van het A.T.P.- en W.T.A.-klassement :
    Van zodra een speler geklasseerd staat bij de eerste 500 spelers in de A.T.P.- of W.T.A.-ranking, wordt deze opgenomen in de reeks “Internationalen”.
    De volgorde van de spelers van deze reeks wordt bepaald door de volgorde van de spelers op de respectieve A.T.P.- en W.T.A.-rankings.
  • Van zodra een speler niet langer geklasseerd staat bij de eerste 500 spelers in de A.T.P.- of W.T.A.-ranking, zakt deze speler naar de “Nationale” reeks en neemt hij de eerste plaats in op deze ranking.


III. BAREMA.

1. Hoofdtabellen van tornooien georganiseerd in België

Een tornooi dient open te zijn voor spelers tot klassement A Internationaal.
Een speler, opgenomen in de hoofdtabel hetzij door zijn klassement, hetzij door zich te kwalificeren, die WO geeft of krijgt om eender welke reden in de 1e ronde van de hoofdtabel, wordt gesanctioneerd: het tornooi wordt toegevoegd aan zijn tornooitotaal en hij krijgt geen punten. Spelers die verplicht WO moeten geven omwille van kwalificatie voor de eindronde van een A.T.P.-, W.T.A.-, of I.T.F.-tornooi tijdens diezelfde week worden niet gesanctioneerd (cf. art. 4 van het Algemeen Competitiereglement).
Tornooien met minder dan 8 deelnemers komen niet in aanmerking. Tornooien die niet het minimum aantal punten behalen om opgenomen te worden in de berekening worden niet toegevoegd aan het aantal gespeelde tornooien.
Indien de acht hoogst geklaseerde en ingeschreven spelers niet het aantal noodzakelijke punten totaliseren voor de classificatie van het tornooi als "categorie A4", telt dit niet als een tornooi.
De buitenlanders die geen Belgisch klassement hebben of die niet gelijkgesteld zijn, krijgen 75 punten bij berekening van de punten.

A.  Tornooien buiten het sterrencircuit

a) Categorie

De categorie van een tornooi wordt bepaald door het aantal punten van de acht hoogst geklasseerde ingeschreven spelers:

  Heren Dames
A1 Min. 810 punten Min. 795 punten
A2 Min. 790 punten Min. 775 punten
A3 Min. 770 punten Min. 740 punten
A4 Min. 680 punten Min. 625 punten

b) Toegekende punten aan de spelers en speelsters in functie van hun uitslagen in de hoofdtabel.

  Winnaar Finalist Verl.
1/2e F
Verl.
1/4e F
Verl.
1/8e F
A1 1.000 800 600 300 150
A2 800 600 300 150 75
A3 600 400 200 100 50
A4 400 300 150 75 40

Opmerking : geen punten voor kwalificaties en prekwalificaties.

B. Tornooien in het kader van het sterrencircuit

  • Voor een “1 sterrentornooi” worden dezelfde punten toegekend als voor een A 1, vermenigvuldigd met 1.50;
  • Voor een “2 sterrentornooi” worden de punten van een A 1 tornooi toegekend vermenigvuldigd met 1.75;
  • Voor een “3 sterrentornooi” worden de punten van een A 1 tornooi toegekend vermenigvuldigd met 2;
  • Voor een “4 sterrentornooi” worden de punten van een A 1 tornooi toegekend vermenigvuldigd met 2.25;
  • Voor een “5 sterrentornooi” worden de punten van een A 1 tornooi toegekend vermenigvuldigd met 2.50.
     

2. De eindronde van de "liga"-kampioenschappen Reeks I en de eindronde van het Criterium Heren I en Dames I.

  • Eerste Reeks en eindronde “liga”-kampioenschappen:
    Deze competitie wordt niet als een tornooi verrekend. Er wordt een bonus toegekend na deling van het puntenaantal door het aantal tornooien: 
    • winnaar : 320 punten
    • finalist : 240 punten
    • halve finalist : 120 punten
    • kwartfinalist : 60 punten
    • 1/8e finalist : 30 punten
    • 1/16e finalist : 15 punten
  • Tweede Reeks Outdoor:
    Dit kampioenschap wordt niet als een tornooi verrekend.
    • Schiftingen : tornooi A 1 x 1,5.
    • Eindronde : tornooi A 1 x 2.

     Elke fase van deze Tweede Reeks outdoor telt niet mee voor een tornooi.

  • Eindronde van het Criterium Dames I en Heren I:
    Tornooi A 1 x 2.5.
    Deze competitie wordt niet als tornooi verrekend
     

3. Interclubs in België

  • Heren I en II en dames I en II Nationaal: 50 punten per overwinning;
  • In alle nationale en gewestelijke afdelingen : bonus vermenigvuldigd met twee.

Indien een speler in Afdeling I Nationaal Heren en Dames, zich niet aanbiedt bij de oproep voor zijn wedstrijd, verliest hij deze.
De tegenstander wint de wedstrijd en krijgt de punten toegekend voor het individuele klassement (50 punten) maar ontvangt geen bonus.


4. GRAND SLAM en A.T.P./W.T.A.-tornooien (behalve satellietcircuits)

  • Kwalificatietabel : 200 punten per overwinning + bonus (telt niet voor het aantal tornooien).
  • Hoofdtabel : de punten welke men op de maandag na de eerste zondag van oktober in het A.T.P./W.T.A.-klassement heeft behaald, worden vermenigvuldigd met 150. Het aantal tornooien wordt toegevoegd aan het aantal in België gespeelde tornooien.
     

5. Satellietcircuits

  • Kwalificatietabel : 150 punten per overwinning + bonus (telt niet voor het aantal tornooien).
  • Hoofdtabel : elke hoofdtabel levert punten op van een A 1 tornooi. De deelname aan de hoofdtabel van één of meerdere etappes van hetzelfde satellietcircuit wordt als één enkel tornooi in rekening gebracht.
  • Masters : de punten van de officiële A.T.P./W.T.A.-ranking op de eerste maandag van oktober worden vermenigvuldigd met 150. De masters tellen voor 1 tornooi.
     

6. Internationale Juniortornooien (tellende voor de I.T.F.-ranking)

De juniorrankingpunten op de eerste maandag van oktober worden vermenigvuldigd met twintig en tellen als bonus.

 
7. Internationale ontmoetingen voor landenteams (Davis Cup, Fed Cup, Junior Davis Cup, Junior Fed Cup, eindronde Winter Cups 16 jaar, eindronde Summer Cups 16 en 18 jaar, Europese Kampioenschappen 16 en 18 jaar)

1° Voor elke ontmoeting (zie uitzondering onder 2°) :
 
a) Voor de spelers die minstens één wedstrijd in het enkelspel spelen :

        • 200 bonuspunten per selectie.
        • 200 bonuspunten voor elke door de ploeg gewonnen wedstrijd (enkel- en dubbelspel).

 

b) Voor de andere spelers van de ploeg:

      • 100 bonuspunten per selectie.
      • 100 bonuspunten voor elke gewonnen wedstrijd van de ploeg in enkel- en dubbelspel.

 

2° Indien verscheidene ontmoetingen tijdens dezelfde week worden gespeeld (Fed Cup, European Men’s and Women’s Team Championships, Europese Kampioenschappen 16 en 18 jaar, Junior Davis Cup, Junior Fed Cup, eindronde Winter Cups 16 jaar, eindronde Zomerbekers 16 en 18 jaar), wordt de bonus van 200 punten voor de selectie slechts éénmaal toegekend.

 
8. Europese Kampioenschappen 16 en 18 jaar

  • 200 punten per selectie;
  • 200 punten per gewonnen wedstrijd in het enkelspel.
     

IV. BONUSPUNTEN. 
 
Elke bonus, behalve de bonus toegekend voor de eindronde "liga"-kampioenschappen, wordt vóór deling toegevoegd door het aantal gespeelde tornooien aan het totaal aantal punten van de spelers.
Behalve de hogervermelde bonuspunten, wordt eveneens een bonus toegekend voor competities vermeld onder punt I volgens het hiernavermelde rooster in functie van het A.T.P.-, W.T.A.- of Belgische klassement van het tegenstander op het ogenblik van de competitie. Er wordt per wedstrijd slechts één enkele bonus toegekend in functie van het A.T.P.-, W.T.A.- of Belgische klassement. De voor de speler meest voordelige formule wordt hierbij toegepast.

Bonus per overwinning tijdens de kwalificaties van A.T.P./W.T.A.-tornooien of tijdens de hiernavermelde niet-A.T.P./W.T.A.-tornooien, nl. tornooien in België, interclubs in België, Kampioenschappen van België, internationale juniortornooien, internationale ontmoetingen:

  • tegen Belgische of gelijkgestelde speler:
    Speler met A-klassement :            150 punten
    Speler met klassement B-15/4 :    100 punten
    Speler met klassement B-15/2 :      50 punten
    Speler met klassement B-15/1 :      25 punten
  • tegen A.T.P./W.T.A.-spelers:
    Speler geklasseerd van   1 tot   5 : 3.000 punten
    Speler geklasseerd van   6 tot 10 : 2.400 punten
    Speler geklasseerd van 11 tot 15 : 2.000 punten
    Speler geklasseerd van 16 tot 20 : 1.600 punten
    Speler geklasseerd van 21 tot 30 : 1.200 punten
    Speler geklasseerd van 31 tot 50 :    600 punten
    Speler geklasseerd van 51 tot 75 :    300 punten
    Speler geklasseerd van 76 tot 100 :  200 punten


N.B. : - Een overwinning door W.O. of F.F. geeft geen bonuspunten
          - Een overwinning door opgave geeft bonuspunten.
 

V. BEREKENING KLASSEMENT.

Het totaal aantal punten (bonus inbegrepen) wordt gedeeld door minimum tien tornooien.
Indien de speler heeft deelgenomen aan :

11 tornooien, is de deler 11
12 tornooien, is de deler 12
13 tornooien, is de deler 13
14 tornooien, is de deler 14
15 tornooien, is de deler 15
16 tornooien, is de deler 15
17 tornooien, is de deler 16
18 tornooien, is de deler 17
19 tornooien, is de deler 18
20 tornooien, is de deler 19
21 tornooien, is de deler 19

enz.....

Elk tornooi waarvoor een speler in de hoofdtabel is opgenomen (hetzij door zijn klassement, hetzij door zich te kwalificeren), wordt in aanmerking genomen voor het aantal gespeelde tornooien, zelfs indien de speler in kwestie in de 1e ronde wordt uitgeschakeld.

De uitslagen behaald tijdens "exhibitiewedstrijden" worden niet in aanmerking genomen.

Indien twee (of meerdere) spelers hetzelfde aantal punten totaliseren, zal de speler die aan het minste aantal tornooien heeft deelgenomen als eerste worden geklasseerd.

Indien twee (of meerdere) spelers aan hetzelfde aantal tornooien hebben deelgenomen, zal de speler die het minste aantal wedstrijden heeft gespeeld als eerste worden geklasseerd.

De spelers die het door het Rangschikkingscomité vooropgestelde minimum aantal punten totaliseren, worden minimum B-15/1 geklasseerd.

Het comité bepaalt de spelers met klassement A, B-15/4, B-15/2 en B-15/1.

Voor de klassementen 2010 geldt het volgende:

  • Een speler die minimum 225 punten behaalt, wordt minimum B-15/2 geklasseerd;
  • Een speelster die minimum 225 punten behaalt, wordt minimum B-15/2 geklasseerd;
  • Het aantal punten nodig om B-15/4 geklasseerd te worden, wordt bepaald door het Rangschikkingscomité tijdens de vergadering waarin de klassementen A, B-15/4, B-15/2 en B-15 worden toegekend.

Alle spelers die volgens het klassementsrooster B - C voor spelers minimum als B-15 of hoger worden voorgesteld, krijgen een berekening in het klassementsrooster A.
De spelers die volgens het klassementsrooster B - C minstens B-15/1 worden voorgesteld en die niet het door het Rangschikkingscomité vereiste minimumtotaal behalen om minimum als B-15/2 te worden geklasseerd (rooster A - B-15/1), worden als B-15/1 geklasseerd.

De spelers die als B-15 worden voorgesteld volgens het klassementsrooster B - C en die niet het door het Rangschikkingscomité vooropgestelde totaal bereiken om als B-15/2 of hoger te worden geklasseerd, worden als B-15/1 geklasseerd indien zij tussen 125 en 224 punten totaliseren in het klassementsrooster A. Indien ze minder dan 125 punten totaliseren, worden ze B-15 geklasseerd.

Een speler kan per jaar maximum twee klassementen dalen.

design by BoulevArt | development by Cegeka